Statement
In my work I try to depict different contrasts. A fragile woman is exposed to her environment. She is surrounded by recognizable or unrecognizable organic forms. The woman and the forms are placed in an empty and indefinable space for which light and color effects are used. These are not sensational or shocking images, but they are al about subtle contrasts and crossings between beauty and hideousness.
To achieve this, I take as a starting point for my work a photograph of myself. However, I do not desire to depict myself. It is just an anonymous person, so that the spectators can identify themselfs with this person. From her grow, as it were, the organic shapes for which I often use my imagination.In mijn werk probeer ik verschillende contrasten te verbeelden. Hierin wordt een fragiele vrouw blootgesteld aan haar omgeving. Zij is omringt door herkenbare of onherkenbare organische vormen. De vrouw en de vormen zijn geplaatst in een lege en ondefinieerbare ruimte waarin met licht- en kleureffecten wordt gespeeld. Het zijn geen opzienbarende of schokkende beelden, maar ze gaan juist over subtiele contrasten en grensovergangen tussen schoonheid en afzichtelijkheid.
Om dit te bewerkstelligen neem ik als startpunt voor mijn werk een foto van mezelf, waarbij ik niet het streven heb om mijzelf direct herkenbaar weer te geven. Het gaat juist om een anoniem persoon waar meerdere mensen zich mee kunnen identificeren. Van haar uit groeien als het ware de organische vormen waarvoor ik vaak mijn fantasie gebruik.